December 2006
Info  CD  Cabaret  Column  Nieuws  Archief  Gastenboek  Links


terug naar December 2006

Hangen (31-12-06)
Hapje 4 (30-12-06)
Hapje 3 (29-12-06)
Hapje 2 (28-12-06)
Hapje 1 (27-12-06)
Kerstverhaal II (26-12-06)
Kerstverhaal I (25-12-06)
Jarig (24-12-06)
Kerst-tips (23-12-06)
Eindejaars! (22-12-06)
Opa (21-12-06)
Digi-wijsheid (20-12-06)
Nieuwe Revu (19-12-06)
Raar blaadje (18-12-06)
Kiesdrempel (17-12-06)
Robert Long (16-12-06)
Formeren! (15-12-06)
Kerstbomen (14-12-06)
Pinochet (13-12-06)
Donkere trein (12-12-06)
Pakjesavond (11-12-06)
Winter (10-12-06)
Hans (9-12-06)
Geluk! (8-12-06)
Sintstaartje (7-12-06)
6 December (6-12-06)
Professional (5-12-06)
Blaadje (4-12-06)
Ethioop (3-12-06)
2 December (2-12-06)
Sintrijmen (1-12-06)

2 December (2-12-06)

Lees mee in het manuscript van Grote Jongen, roman in wording.

In de ijzige winter van ’62 op ’63 werd mijn zusje geboren. Net zoals ik met een keizersnee, zodat mijn moeder wederom in de vrouwenkliniek van De Volharding kwam te liggen. Een toepasselijke naam, want het duurde wel eventjes eer het kleine meisje er was.
Ik kwam onder de hoede van mijn vader. Hij werd geholpen door de diverse grootouders, van wie ik het eerste kleinkind was, die hadden daarom plenty tijd, dus dat was mooi geregeld. Op het Scheveningse strand lagen bergen kruiend ijs, er dreven schotsen in de Noordzee, ik weet er zelf niets meer van, maar het verbaast me niet. Later die winter werd de beruchte Elfstedentocht van Reinier Paping gereden.
Dat ík met een keizersnee geboren zou worden was een van te voren uitgemaakte zaak. Ik lag in de baarmoeder dwars, achterstevoren,omgekeerd, kortom, een prenatale wokkel. Mijn geboorte was voorzien op de dag voor Kerst, omdat de gynaecoloog op wintersport moest. Na afloop was mijn moeder zo confuus van de operatie dat ze, terwijl ze haar eerstgeborene in de armen gedrukt kreeg, alweer in slaap viel.
Mijn zusje had op de normale wijze geboren zullen worden, was ook al een heel eind richting het levenslicht afgedaald, maar slaagde er uiteindelijk niet in het bekken te passeren. De artsen masseerden haar weer omhoog en brachten haar tenslotte ook met een keizersnee ter wereld. De huisarts had verlof om toe te kijken (het was een grote vriendelijke vlezige man en hij droeg voor de gelegenheid een piepklein brilletje) en vertelde na afloop dat hij de baby na het openen van de buik met grote blauwe ogen de wereld in had zien kijken.
Toen mijn moeder, nog maar ten dele hersteld van alle vermoeienissen, naar huis wederkeerde was ik haar als bijna 2-jarige kereltje volkomen ontwend. Mijn vader was mijn leidsman, waar hij ging, kroop en stommelde ik. Zat hij op de wc (in de traditie van veel ouderwetse vaders met peuk en courant) dan lag ik voor de deur: ‘Pappa! Pappa!’
Het is me allemaal later verteld, het ging ook snel weer over, binnen de kortste keren was mijn moeder weer mijn lieve moeder en Pappa natuurlijk mijn stoere pappa. En mijn zusje met haar fijne snoetje kreeg haar definitieve bijnaam.


(wordt ooit vervolgd)