Het kind

(verschenen in Den Haag Centraal van 24-5-18)

Het nieuwe godje in onze westerse samenleving is het kind. De obsessie met het nageslacht neemt steeds vaker ziekelijke vormen aan. Ik heb de tijd nog meegemaakt dat je als kind je plaats wist. En als je daar wat moeite mee had – dat hoort bij het kindzijn – dan werd je daar resoluut doch liefdevol bij geholpen. Het grootste geschenk dat je ouders jou konden geven was bescherming. Je werd aangemoedigd, indien nodig bestraft, grote beslissingen werden voor jou genomen.
Natuurlijk was er ook veel ellende, maar ik schets dit ideaalbeeld om het contrast met de hedendaagse kind-cultus eens even vet aan te zetten. Vet aanzetten, dat is trouwens ook wat er bij nogal wat kinderen gebeurt. Blinde ouderliefde betaalt zich uit in verstrekt snoep. Als er bij ons op school een kind dik was, dan leed-ie aan een ziekte of was de hoofdpersoon van ‘Dik Trom’.
Maar ga er maar aan staan als jeugd van tegenwoordig. Vanaf het zuigelingschap ben je een consumptietarget. Niet allen voor listig aangeboden lekkernijen, ook voor mooie kleertjes (er bestaan peuterstrings!) en digitale lustobjecten. Paps en mams treden op als dealers, maar koesteren ook dubieuze ambities. Het kind is een product dat goed in de markt moet worden gezet. Ouders kamperen voor hun scholen van voorkeur. Ze duwen hun oogappeltjes met een overdosis bijlessen richting het gymnasium. Ook op het sportveld moet gewonnen worden. Molestatie van een verstandige leerkracht of scheidsrechter is daarbij niet uitgesloten. Er moet immers opgeschept kunnen worden. Zo wordt het jonge grut geparachuteerd in een prestatiemaatschappij, waar succes hebben de norm is. Noem het maar ouderliefde.
Het gevolg is dat kinderen zich steeds vroeger als volwassenen dienen te gedragen. En tegelijkertijd gedragen volwassenen zich steeds kinderachtiger. Want ook ‘het kind in jezelf’ is mateloos populair. We moeten ernaar op zoek en we moeten het laten spreken.
In de topsport loopt men weg met lieden die handelen alsof hun hersenen niet volgroeid zijn. Ontzinde tennissers. Onverantwoordelijke Formule 1-coureurs. De strontvervelende Manchester United-trainer Mourinho stond als een klein kind te pruilen nadat hij de FA Cup Final van Chelsea had verloren. Het was onverdiend, zijn ploegje was beter, dreinde hij. En dan de infantiele toneelstukjes binnen de lijnen: schwalbe, protesteren terwijl je beter zou moeten weten, tijdrekken. Dan geniet ik toch meer van het spel van een echt kind. Maar goed, ik ben dan ook wel een heel geweldige vader.